Ik help je met je teksten

Bewegen in de buitenlucht

Voor mijn werk hoef ik meestal de deur niet uit. Vanaf de ontbijttafel wandel ik acht stappen naar links, de trap op en dan vijf stappen naar rechts. Ik sta nooit in de file en hoef me niet druk te maken om vertragingen van de spoorwegen.

Dat lijkt ideaal, maar toch mis ik dan wat. Mijn lijf wordt pas echt wakker na een flinke portie beweging en mijn creatieve brein werkt beter na een dubbele dosis frisse lucht. Die kreeg ik vroeger automatisch als ik de kinderen naar school bracht of op de fiets naar mijn werk ging. Toen ik zelfstandig ondernemer werd, ging die routine ineens verloren.

Nu heb ik opnieuw gekozen voor een fietstocht naar mijn werk. Ik rijd over de brug, dan een klein stukje door de stad, verder over de dijk, en via het bruggetje weer terug naar huis. Een frisse neus halen en lekker bewegen, terwijl mijn haren wapperen in de wind. Het bevalt me prima.

Als het regent, is de verleiding groot om voor de directe route te kiezen. Maar ik weet waarom ik naar buiten wil, dus trek ik een waterdicht jack en een regenbroek aan, en ik ga. Plenst het echt, dan wacht ik tot de bui over is.

Tijdens mijn fietstochtjes denk ik vaak aan mijn opa. Hij maakte elke dag een wandeling, en als het regende, wandelde hij overdekt. Hij nam de lift naar de bovenste verdieping van de galerijflat waar hij met mijn oma woonde, liep over de galerij naar de andere kant en nam daar de lift naar een verdieping lager. Daar herhaalde zich hetzelfde ritueel. Na acht etages was hij op de begane grond beland en nam hij de lift naar huis.

Dagelijks een portie beweging en buitenlucht, mijn opa wist al dat een mens dat nodig heeft om zich goed te voelen. Ik ben blij dat ik die oude wijsheid opnieuw heb ontdekt.

Deze column heb ik in november 2013 geschreven voor het Vrouwennetwerk Wageningse Ingenieurs.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *