Tips voor je offerte

Tip 1

Een succesvolle offerte begint met een heldere omschrijving van het probleem van de klant. Zo ziet de klant dat je goed naar zijn verhaal geluisterd hebt en krijgt hij het gevoel dat je hem kunt helpen. Met een heldere probleembeschrijving leg je ook nog eens een goede bodem voor samenwerking: je verzekert je er zo van dat jullie hetzelfde doel voor ogen hebben.

Meer weten over hoe je een succesvolle offerte schrijft? Meld je aan voor de Summer Course Maak werk van je offerte, op 11 augustus van 14.00-16.00 uur bij Igluu in Utrecht.

Tip 2

Wordt jouw offerte wel eens afgewezen omdat een klant schrikt van de prijs? Maak bij grotere projecten een ‘menukaart’ waarop je de werkzaamheden opsplitst in afzonderlijke onderdelen. De klant kan hieruit een of meerdere ‘gerechten’ kiezen. Je geeft hem hiermee de gelegenheid zelf afwegingen te maken op basis van zijn budget en ambities. Zo vergroot je de kans dat je de klus krijgt, ook als het totaalbedrag van de offerte eigenlijk te hoog is voor het beschikbare budget.

 

Meer weten over hoe je een succesvolle offerte schrijft? Meld je aan voor de Summer Course Maak werk van je offerte, op 11 augustus van 14.00-16.00 uur bij Igluu in Utrecht.

 

Tip 3

Geef duidelijk weer wat jouw specifieke oplossing is voor het probleem van de klant. Wat maakt jouw aanpak anders dan die van anderen? Wat levert dat de klant op? Geef duidelijk antwoord op deze vragen, maar noem niet teveel details. De klant is immers vooral geïnteresseerd in het resultaat. 

 

Meer weten over hoe je een succesvolle offerte schrijft? Meld je aan voor de Summer Course Maak werk van je offerte, op 11 augustus van 14.00-16.00 uur bij Igluu in Utrecht.

 

Column juni 2011: Waarom Wageningen

Een paar weken geleden ging mijn jongste zoon speeddaten. Zijn middelbare school had een avond georganiseerd waarbij leerlingen kennis konden maken met ouders werkzaam in verschillende beroepen. Er waren vaders en moeders met uiteenlopende functies: van dominee, anesthesist en docent tot manager, architect en onderzoeker. Mijn zoon kwam enthousiast thuis – op zich al een wonder als het een schoolactiviteit betreft – hoewel hij de beroepen met hun bijbehorende studies allemaal als matig beoordeelde. Hij vond het vooral leuk om de verhalen te horen, om te weten te komen wat je bij verschillende beroepen nu precies doet op een dag en hoe mensen tot hun keuze van studie en/of beroep waren gekomen.

 

Die avond moest ik denken aan mijn eigen studiekeuze. Tijdens een soortgelijke ‘ouderavond’ op mijn middelbare school, alweer lang geleden, hoorde ik voor het eerst over Wageningen als studiestad. De betreffende vader werkte bij Verkade (Koekjes! Chocola!) en was zelf via omwegen in de levensmiddelentechnologie beland. Hij noemde ook de rechtstreekse mogelijkheden: Den Bosch voor een hbo-opleiding en Wageningen voor een universitaire studie. Wageningen leek me wel wat: een behoorlijke plaats maar geen grote stad, wel bèta en toch toegepast. Ik ben voor de zekerheid ook even bij de open dagen van Farmacie en Geneeskunde gaan kijken, maar na een paar uur in Wageningen wist ik heel zeker: hier wil ik heen.

 

Aan mijn studiekeuze lag geen uitgebreide interessetest ten grondslag, geen wervend praatje van een decaan of voorlichter, geen flitsende brochure op glanzend papier – al heb ik die later wel uitgebreid bestudeerd – maar een aansprekend verhaal. Eenmaal in Wageningen aanbeland bleek dat veel studiegenoten gelijksoortige ervaringen hadden. Het verhaal van een neef, een vriend van hun ouders of een vage kennis was blijven hangen, waarschijnlijk zonder dat de verteller zich daarvan bewust was.

 

Vraagje: Praat jij nog wel eens met iemand over Wageningen?

 

Deze column is verschenen in de Nieuwsbrief van de VWI.

 

Column april 2011: Voorjaarskriebels

Elk jaar als ik de eerste stralen van de lentezon op mijn huid voel, krijg ik energie voor tien. Ik wil al fietsend genieten van het mooie weer, de tuin in om het ontluikende onkruid met vaste hand te verwijderen en acuut beginnen aan een grondige voorjaarsschoonmaak. Het liefst alle drie tegelijk, natuurlijk.

 

Meestal wint op de eerste zonnige dag de schoonmaak. Ik voel een onbedwingbare drang om, net als vroeger onze moeders, oma’s en tantes, het huis van boven naar beneden op te schudden als een veren kussen. Dus haal ik per kamer de meubels van de muur om in alle hoeken de plinten te stofzuigen, verwijder het stof bovenop kasten, lampenkappen en deurkozijnen en lap de ramen aan de binnen- en de buitenkant.

 

Veel plezier beleef ik aan het opruimen van kasten. Ik haal ze per plank leeg en bekijk de inhoud kritisch, met een grote kartonnen doos naast me. Tot hier doe ik nog hetzelfde als de generaties vrouwen voor me, vanaf nu is mijn werkwijze anders. Werden vroeger alle niet- meer-gebruikte-maar-nog-wel-bruikbare spullen keurig opgeborgen op zolder, totdat een van de kinderen, nichtjes, neefjes of kleinkinderen hierom verlegen zou zitten, ik breng de doos met overbodige spullen naar de kringloopwinkel. Dat geweldig intellectuele boek, dat vast heel boeiend is en toch al vijf jaar ongelezen ligt te wachten. De jurk die me in de winkel prachtig stond, maar die toch voor geen enkele gelegenheid geschikt blijkt. Die schattige vaas die ik ooit van een lieve buurvrouw heb gekregen, maar die ik eigenlijk afschuwelijk vind.

 

Met het opruimen van mijn huis ruim ik ook mijn hoofd op. Ik schud ballast van me af en krijg letterlijk en figuurlijk meer ruimte. Als de klus is geklaard, of in elk geval een kamer, stap ik op de fiets. Om van de lentezon te genieten.

 

Deze column is verschenen in de nieuwsbrief van de VWI.

 

 

Column maart 2011: 8 maart

8 Maart, dat is voor mij de geboortedag van mijn neef Oscar. Dit jaar wordt hij elf. Het is ook de datum van de Internationale Vrouwendag, waarop wereldwijd aandacht is voor vrouwenemancipatie. De verjaardag van mijn neef onthoud ik, maar een speciale dag voor vrouwen? Ik vond het lange tijd onzin, net zoals alle andere speciale vrouwenactiviteiten.

 

Als Nederlandse vrouw geboren in de zestiger jaren kon ik gewoon studeren, werken, kiezen en gekozen worden. Wat ik moest ik nog met emancipatie en een Vrouwendag? Het doctoraalvak Vrouwenstudies, dat eind jaren 80 in Wageningen werd gedoceerd, was aan mij dan ook niet besteed. Ik associeerde het met vrouwen met piekhaar, gekleed in een weinig charmante tuinbroek, die discussieerden over extreem feministische onderwerpen. Onder ons gezegd, ook het nut van het Vrouwennetwerk Wageningse Ingenieurs vond ik heel lang discutabel.

 

Inmiddels heb ik ontdekt dat je geen hekel aan mannen hoeft te hebben om je aan te sluiten bij een gezelschap van vrouwen. Sterker nog, een samenzijn met alleen vrouwen heeft meerwaarde. Dat drong goed tot me door tijdens het VWI-symposium in 2008, het eerste dat ik bijwoonde. Gast was Kaouthar Darmoni, Tunesisch-Franse communicatiewetenschapper en buikdanseres. Tijdens haar lezing en buikdansworkshop maakte zij duidelijk dat wij Westerse vrouwen meer aandacht mogen besteden aan onze vrouwelijke kracht en aan de solidariteit tussen vrouwen onderling. Niet om mannen buiten te sluiten, maar om ons vrouw-zijn te versterken. Zodat we meer solidair worden, ervaringen uitwisselen en gaan samenwerken.

 

Zij heeft me overtuigd. Ik sta positiever tegenover vrouwengroepen en ben sinds dat symposium enthousiast lid van het VWI. En 8 maart link ik natuurlijk nog steeds aan de verjaardag van mijn neef Oscar, maar nu ook aan de Internationale Vrouwendag.

 

Deze column is verschenen in de nieuwsbrief van de VWI.

 

Column december 2010: Wat eten we met Kerst?

Zodra Sinterklaas met zijn Pieten voet aan wal zet, ga ik nadenken over de invulling van de kerstdagen. Ook dit jaar was de aankomst van de goedheiligman het moment voor een belrondje met broers, schoonzussen, zwager, ouders en schoonouders. De globale afspraken voor eerste en tweede Kerstdag zijn inmiddels gemaakt en automatisch zit ik nu in de fase: Wat eten we en wie maakt wat?

 

Wordt het een traditioneel gerecht, of laten we ons inspireren door de veelkleurige folders die de supermarkten verspreiden, met daarin hapjes die nog lekkerder en veel makkelijker te bereiden zijn dan vorig jaar? Natuurlijk staat de gezelligheid met elkaar tijdens de kerstdagen voorop, maar de zintuigen willen ook wat. Vol goede moed verzamel ik een stapel tijdschriften, folders en kookboeken en installeer me aan tafel.

 

Tijdens het bladeren denk ik terug aan de meest gedenkwaardige kerstmaaltijden van de afgelopen jaren. Die keer dat onze drie kinderen, destijds in de leeftijd van zes tot negen, samen een kerstdiner hebben gemaakt waarbij mijn man en ik niet mochten helpen. We hebben boven een glas port gedronken, terwijl beneden de heerlijkste hapjes werden bereid. Na lang wachten – wat hadden ze hard gewerkt – hebben we aan een feestelijk gedekte tafel gesmuld van de bijzondere combinatie van fruitsalade, gevulde eieren, kaasstengels van bladerdeeg, gekookte broccoli en confit de canard uit blik, een vakantiesouvenir uit Frankrijk.

 

Een paar jaar later hebben we – na een feestelijk etentje op eerste kerstdag – besloten om op tweede kerstdag alle ingrediënten voor het geplande diner gewoon in de (koel)kast te laten staan. In plaats daarvan hebben we een paar diepvriespizza’s in de oven geschoven, wat rauwkost in schaaltjes gezet en heerlijk bij de open haard genoten van deze geïmproviseerde maaltijd.

Bijzondere gebeurtenissen blijven mij meer bij dan culinaire hoogtepunten. Die wetenschap maakt het verzinnen van een kerstdiner voor dit jaar een stuk eenvoudiger.

 

Deze column is verschenen in de nieuwsbrief van de VWI.

Column oktober 2010: Op reis

Ik ga op reis! Sinds ik het ticket heb geboekt, geniet ik al elke dag van de voorpret. Het is dit keer dan ook een bijzondere bestemming geworden. Geen midweek Wadden of stedentrip, geen safari of all-inclusive. Volgens mij is dit zelfs wereldwijd de eerste reis naar deze bestemming. Venus voorbij, dat is verder dan ik ooit had durven dromen.

 

De VWI-symposiumcommissie is ambitieus dit jaar. De zeven vrouwen borduren voort op het thema van 2009, Op Stap, en nemen daarbij een reuzesprong. De aarde is te klein geworden, Venus niet ver genoeg, we gaan verder de ruimte in. Het vertrekpunt van Venus voorbij is de Leeuwenborch en de eerste tussenstop is meteen de moeite waard. De beroemde heelmeester en cabaretière Karin Bruers gunt ons een blik in de spiegel van Venus. Daarbij gebruikt ze ferme taal: ‘Als het merendeel van je bestemmingen uit het verleden de moeite waard is geweest, is het goed. Anders moet het roer nu om.’ Daarbij wil ze best een duw in de goede richting geven, heb ik horen zeggen.

 

Voor en na de lunch – wordt het een astronautenpil? – krijg je alle ruimte om de grenzen van je eigen universum te verleggen. Of je dat wandelend, bezielend, dansend, sprekend, acterend, communicerend, plannend, overtuigend of stappend doet, mag je zelf weten. Alle wegen leiden voorbij Venus, en allemaal zijn ze geplaveid met humor en visie, zo heeft de symposiumcommissie me verzekerd.

 

Dus neem een dagje voor jezelf, de eerste zaterdag van november. Laat boodschappen, huishouden, kinderen, verjaardagen en de meubelboulevard voor een keer aan iemand anders over. Ontdek dat een dag met Wageningse vrouwen meer dan de moeite waard is. Gun jezelf deze reis. Venus voorbij, die kans krijg je maar één keer. Ga je mee?

 

Deze column is verschenen in de nieuwsbrief van de VWI.

 

Schatschrijven - 20 september 2010

Een dag Schatschrijven bij Yoeke Nagel is schrijven

… met al je zintuigen

… over schatten en schilderijen

… in vele stijlen

… na mindmappen en structureren

… met veel plezier

… buiten je gebaande paden

en waardevolle feedback krijgen.

 

Column juni 2010: Ede-Wageningen

Elke universiteitsstad in Nederland heeft een station, zo dacht ik als aankomend student. Bij het horen van de naam Ede-Wageningen ging er dan ook geen enkel belletje rinkelen. Ik vermoedde hooguit dat de Edenaren wilden meeprofiteren van de naam en faam van Wageningen.

 

Eenmaal studerend merkte ik al snel dat Ede-Wageningen midden in de gemeente Ede lag, en dat het enige station van Wageningen het busstation was. Buschauffeurs en treinmachinisten bleken bovendien weinig geïnteresseerd in de aansluiting van het ene vervoersmiddel op het andere. Het station van mijn universiteitsstad, wat een tegenvaller.

 

Jaren later hoorde ik het verhaal achter deze curiositeit. Aan het begin van de twintigste eeuw waren de boeren in de regio niet zo gecharmeerd van stoomlocomotieven. Ze zagen deze zwarte vuurspuwende monsters als teken van de verfoeilijke vooruitgang. Daarom weigerden ze hun land te verkopen voor de aanleg van spoorrails.

 

Moest ik hier boos om worden? Omdat die koppige boeren vasthielden aan paard en wagen, moest ik met trein én bus? Of moest ik juist glimlachen om dit bizarre verhaal, dat laat zien dat sommige beslissingen langer doorwerken dan je vooraf kunt bedenken?

 

Ik was die boeren lange tijd vergeten, maar ineens kwam dit verhaal weer bovendrijven. En dit keer ging het over mezelf. Ik ben wel enthousiast gebruiker van mobiele telefoon en computer, heb een profiel op LinkedIn en mail me suf, maar hoe sta ik tegenover de laatste digitale noviteiten? Wat weet ik van blueray, Twitter en VDSL?

 

Denk ik hierover na, dan bekruipt me de angst dat ik word als die boeren. Houd ik vast aan digitale paard en wagen, terwijl de allernieuwste high tech stoomlocomotief de wereld verovert?

Het verschil: ik sta alleen mezelf in de weg, want ik heb geen virtueel land te koop, realiseer ik me terwijl de bus Ede-Wageningen nadert.

 

Deze column is verschenen in de nieuwsbrief van de VWI.

 

27 mei 2010: Zwart op wit

Herken je dit: tijdens een bijeenkomst is iedereen het met elkaar eens. We vinden allemaal ‘zus en zo’ van punt X. Iemand werkt het plan of de notulen verder uit en bij de volgende bijeenkomst is er een hoop gedoe. Al pratend leek ‘zus en zo’ iedereen wel aardig. Nu het zwart op wit staat, zijn de meningen verdeeld

 

“Zo hadden we het toch niet afgesproken?”

“Ik zie mijn opmerking nergens terug.”

“In die formulering kan ik me niet vinden.”

 

Iets op papier zetten maakt zaken helder en concreet. Het dwingt tot nadenken en keuzes maken. Tot je de essentie boven tafel hebt. In die woorden waar iedereen achter kan staan. Zwart op wit.

 

Column - Geef mij maar chocola - 5 maart 2010

Al zeker vijf jaar had ik ze links laten liggen. Sterker nog, ik had ze eigenlijk niet meer gezien en er nooit meer aan gedacht. Echt lekker waren ze niet, en het weeïge, volle gevoel in mijn buik als ik er toch weer teveel van had gegeten, kon ik wel missen. Tot mijn oog er vorige week op viel. Ze bestonden dus nog, zelfs in grote hoeveelheden. Zakken vol lagen opgestapeld in een mand bij de kassa. De rij was deze keer zo lang dat ik bezweek voor het ‘neem mij weer eens mee’ dat onhoorbaar en aanhoudend in mijn oren klonk. Vooruit, na zoveel tijd kon ik toch wel weer een poging wagen?

 

Thuisgekomen haal ik het krakende zakje uit mijn tas en bestudeer de inhoud. De aanblik ziet er vertrouwd uit. Vooruit, even proeven dan. Eerst mijn favoriet, de knalroze kokosrol met drop in het midden. Aan de zoete kant, maar wel lekker. Daarna zo’n dikke zwart-wit gestreepte kubus met vijf laagjes, die je zo heerlijk los kunt peuteren om ze vervolgens een voor een in je mond laten verdwijnen. Ik geniet meer van die handeling dan van de smaak. Na die vijf laagjes zijn exemplaren met drie laagjes maar een slap aftreksel, ook al zit er dan een kleurtje bij. De gespikkelde anijsrondjes waren al nooit mijn favoriet, en ook nu vraag ik me weer af wat deze totaal afwijkende soort te zoeken heeft in de melange. Blijven over de dropstaafjes met en zonder vulling. De eerste vind ik te zoet, en de tweede blijft wat het altijd was: een mislukt dropje zonder kraak of smaak. Ik sluit de hernieuwde kennismaking af met mijn favoriete kokosrol, maar nu in het geel. Voorlopig heb ik weer genoeg Engels drop geproefd. Geef mij maar chocola.

 

Deze column is verschenen in de nieuwsbrief van de VWI

 

15 februari 2010

Helder, mooi, goed, strak, fris, overzichtelijk, aansprekend, prikkelende teksten, zakelijk, vriendelijk, zeer uitnodigend. Bedankt voor al jullie complimenten voor mijn website. Naast alle positieve opmerkingen kreeg ik ook een aantal tips over hoe sommige dingen nog beter kunnen. Ook daarvoor bedankt. Fijn dat jullie de moeite nemen om jullie kennis met me te delen. Met die lijst zal ik jullie niet vermoeien. Neem gewoon af en toe een kijkje en zie wat ik veranderd heb.

 

24 januari 2010

Ik voel me trots vandaag: de website van Bergamot is een feit! Het had heel wat voeten in de aarde, want wanneer vind je als tekstschrijver je eigen tekst nu goed genoeg om op je website te zetten? En hoeveel tijd kun je besteden aan toch weer een iets donkerder kleur letter, de keuze van een foto, een vierkante of toch een afgeronde hoek?

Ook bij de bouw van een website geldt: de weg is minstens net zo belangrijk als het eindresultaat. Gaandeweg heb ik opnieuw geleerd wat ik als tekstschrijver en communicatieadviseur allang wist: het is een kunst om je eigen ideeën goed over te brengen. Het beeld in je hoofd is misschien duidelijk, maar als je maar de helft beschrijft, kan de ander, in dit geval de websitebouwer, er iets heel anders van maken. De kunst is dan om niet meteen te zeggen dat die ander je niet wil begrijpen, maar je te realiseren dat het misschien ook aan jezelf ligt. Dat is me aardig gelukt. Ik ben trots op de website en op het bouwproces!

 

31 december 2009

Als zelfstandig ondernemer kan ik mijn eigen tijd indelen. Ideaal om de files te omzeilen, een uurtje langer uit te slapen of een wandeling in de sneeuw te maken. Toch moeten klussen wel op de afgesproken tijd af. Dat betekent dat ik regelmatig ’s avonds of in het weekend achter mijn computer kruip. Zo ook nu, op oudejaarsdag. Terwijl manlief oliebollen bakt, verwerk ik de laatste reacties van geïnterviewden voor een artikel over biogas in Flevoland. Ik vind het altijd weer een kunst om mensen zoveel mogelijk tot hun recht te laten komen en tegelijkertijd de leesbaarheid van het artikel in het oog te houden. Daar besteed ik dan ook veel aandacht aan. De geïnterviewden en de lezers zijn het waard.

Nog een keer doorlezen en dan een warme oliebol. Ik wens u een goede jaarwisseling.

 

.................................................................................................................

Bergamot - T: 0345 – 62 39 73 - M: 06 – 15 42 81 91 - E: Turn on JavaScript!